Stichting Omroep Limburg

Geschiedenis
Kerstavond 1945. Zuid Nederland is bevrijd. Op die dag gaat
Nederlands eerste regionale omroep de lucht in. Met hulp van een
Amerikaanse legerzender op het vliegveld Beek ("radio Baek") was
dagelijks de Regionale
Omroep Zuid (R.O.Z.) te horen. Het
radioprogramma was bedoeld om het gezag in de roerige mijnstreek te
herstellen. De mijnwerkers moesten hun verantwoordelijkheid tonen
voor de opbouw van Nederlandse economie, en zorgen voor een
topproductie van steenkool.
Al binnen een jaar werd de Limburgse zender samen met de Regionale
Omroep Noord en Oost (RONO, voor Groningen, Friesland, Drenthe,
Overijssel en Gelderland) een apart onderdeel van de Nederlandse
Radio Unie, waarin de landelijke omroepverenigingen samenwerkten.
De NRU werd NOS. En pas rond 1980 ontstonden, los van de NOS, nieuwe
regionale omroepen. Na enig verzet werden ook de NOS-omroepen
verzelfstandigd. De RONO werd gesplitst in vijf provinciale
omroepstichtingen, de ROZ werd in 1988 de Stichting Omroep Limburg.
In september 1997 kreeg Omroep Limburg een televisiepoot. Reeds
eerder was TV 8 op de Limburgse kabel gekomen, een commerciële
omroep gesteund door de Limburgse kranten. Beide zenders moesten
noodgedwongen één kabelkanaal delen. Om aan deze, voor het publiek
onduidelijke, situatie een eind te maken werd in 1999 besloten tot
samenwerking. Zo ontstond op 29 juni 1999 L1 Radio–TV.
Als gevolg van de bedrijvenfusie was het studiogebouw aan de
Bankastraat in Maastricht (in 1979 als nieuwbouw door de ROZ in
gebruik genomen) te klein geworden. In opdracht van de Stichting
Omroep Limburg is daarom voor L1 een nieuw studio- en
kantorencomplex gerealiseerd aan de Ambyerstraat-Zuid in Maastricht.
Mede dankzij financiële steun van de Provincie is het een modern en
goed geëquipeerd gebouw geworden dat begin 2005 door L1 in gebruik
is genomen. De Stichting Omroep Limburg verhuurt het gebouw aan L1
op basis van een langjarige huurovereenkomst.
|